Maakt de overheid optimaal maatschappelijke impact?

Maakt de overheid optimaal maatschappelijke impact?

Op 4 juni verscheen in het Financieele Dagblad het artikel ’Lokale overheid mist stille revolutie rond sociaal ondernemen’. Een bericht waar verder weinig aandacht aan werd geschonken’. Iets dat eigenlijk heel opmerkelijk is.

Hoge eisen aan handelen van het bedrijfsleven

Van ons bedrijfsleven verwachten wij terecht dat het verantwoord omgaat met de positie die het heeft als het om inkoop, distributie en investeringen gaat. Recentelijk kwam een aantal banken nog negatief in het nieuws omdat zij investeringen zouden doen in ‘foute’ palmplantages. Levensmiddelenproducenten spreken we aan op niet-afbreekbare verpakkingen. En van kledingproducenten verwachten we dat ze hun supply-chain checken op kinderarbeid en arbeidsomstandigheden. Die publieke verontwaardiging levert voor het bedrijfsleven een mooie prikkel om op verantwoorde manier zijn producten en diensten te leveren. Deze ontwikkeling biedt hoop en concreet perspectief om maatschappelijke problemen zoals armoede, vervuiling en uitbuiting tegen te gaan.

Hoe scoort de overheid op dit thema?

Uit het genoemde onderzoek blijkt dat maatschappelijk verantwoord ondernemen binnen de lokale overheid in ieder geval nog geen thema is. Dat is een gemiste kans, want volgens het CBS spenderen gemeenten gezamenlijk jaarlijks méér dan 50 miljard euro! De centrale overheid geeft jaarlijks in totaal 275 miljard euro uit, waarvan meer dan 10 miljard uit producten en diensten bestaat. Bij diverse ministeries, agentschappen en zelfstandige bestuursorganen wordt er individueel gewerkt aan programma’s rond maatschappelijk verantwoorde inkoop. Een centrale richtlijn ontbreekt echter. Er zijn wel doelen, maar deze liggen op de lange termijn (2030 en 2050).

Een inspirerend voorbeeld is de inkoop van Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI). Zij vraagt haar leveranciers mee te helpen in het bereiken van één van haar belangrijkste doelen: het voorkomen van recidive van gedetineerden. Voorbeelden hiervan zijn stichting Zuivere koffie. Deze stichting werkt alleen met ex-gedetineerden in hun koffiezaak in Koog aan den Zaan en laat de koffie branden in de gevangenis van Zaanstad. Samen met ROC Leiden verzorgt DJI de praktijkopleiding Bakkerij. De Bakkerij in de gevangenis van Krimpen aan den IJssel wordt gerund door gedetineerden. Dagelijks eten 1.400 gedetineerden in de regio Rijnmond het brood uit eigen bakkerij.

Legaliteit versus legitimiteit

Een interessante vraag is waarom er vanuit de overheid relatief gezien zo weinig gebeurt? Terwijl juist van een publieke organisatie het algemeen belang centraal dient te staan. En misschien zit hem daarin nu juist een interessante paradox. Omdat er maar één overheid is die geen concurrentie ondervindt, heeft zij ook geen noodzaak om haar license to operatete verdienen zoals met elkaar concurrerende bedrijven wedijveren om de gunst van de consument. Overheidsmanagers voelen daarom blijkbaar geen incentive om zich druk te maken over dit thema. Zij richten zich daarom liever op intern geformuleerde doelen alvorens een thema als Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen te omarmen. De organisatie moet voldoen aan de juridische compliance en de maatschappelijke compliance is bijzaak. Regels gaan dus vóór maatschappelijk rendement. Het is van belang dat politici het potentieel van dit maatschappelijk rendement gaan inzien en dat zij hun opdrachtnemers hierop wijzen. Voor public affairs beoefenaars, journalisten en burgers is dat in ieder geval onze maatschappelijke plicht!

 

Jasper van der Jagt is senior adviseur van IvCB en specialist op het gebied van openbaar bestuur

Geen reactie's

Geef een reactie